Spaarders vangen opnieuw bot

Spaarders hebben vandaag opnieuw bot gevangen in hun strijd tegen de vermogensrendementsheffing. De rechtbank in Groningen verklaarde het beroep van een spaarder tegen de spaartaks ongegrond.

De eiser stelde dat sparen na toepassing van de rendementsheffing al jaren niets meer oplevert.

Op basis van een arrest van de Hoge Raad van 10 juni 2016 oordeelt de rechtbank in Groningen nu dat het fictieve rendement pas ‘niet haalbaar is’, als het werkelijke rendement op vermogen 10 jaar achtereen lager is dan 4%. Dat achtte de rechtbank niet bewezen door de spaarder.

Overwinning

Hiermee heeft de Belastingdienst opnieuw een overwinning geboekt in haar verweer tegen spaarders die de heffing van 4% oneerlijk vinden. De spaarder in deze zaak is een van de zes proefpersonen die namens de Bond voor Belastingbetalers rechtszaken voert tegen de vermogensrendementsheffing.

In de proefprocessen stellen de eisers dat de zogenoemde spaartaks in strijd is met het eigendomsrecht, dat is beschermd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Gisteren oordeelde de rechtbank in Breda bij een andere proefpersoon dat de spaartaks wel degelijk eerlijk is.

Tot vorig jaar hanteerde de Belastingdienst een fictief rendement van 4% op vermogen. Daarover werd 30% belasting geïnd, in totaal 1,2% van het vermogen. Wie minder dan grofweg €24000 bezit, hoefde niet te betalen. Per 1 januari is er nieuwe regeling van kracht.

Bron; http://www.telegraaf.nl/dft/geld/belasting/27463534/__Spaarders_vangen_opnieuw_bot__.html